Stedelijk blikt terug op artistieke revolutiejaren: 'Een heel bijzondere tijd voor de stad'

Het Stedelijk Museum blikt vanaf vandaag terug op de artistieke revolutiejaren van 1968 tot 1970. Een tijd van John Lennon in het Hilton en de stad die als magneet diende voor kunstenaars, hippies en provo's. Amsterdam kreeg een reputatie: het werd de stad waar alles kan: een 'Magisch Centrum'.

Amsterdammer Robert Jasper Grootveld, bekend door zijn happenings op het Spui, kwam met die term. Hij voorspelde destijds dat aan het einde van de jaren 60 Amsterdam hét cultureel centrum van de wereld zou worden. Free love, verzet tegen de gevestigde orde en vooral heel veel kunst.

Meningen verschillen of dat waar is gemaakt. Wat wel zeker is, is dat er nu dus van alles over te zien is in het Stedelijk. Curator Leontine Coelewij vertelt over de historische waarde én achtergrond van de expositie. 

Een van de zalen in het museum is speciaal gefocust op het werk van kunstenaar Tjebbe van Tijen. Hij weet als geen ander hoe het was om kunstenaar te zijn in de 60e jaren en dan vooral wat er inmiddels veranderd is. 

Wel of geen 'magisch centrum', kunstenaars lijken nog steeds hun plek te vinden in Amsterdam. Een van hen is Hilke Walraven.